3. Mooi

Regelmatig ontstaat de discussie over de esthetische kwaliteit die kunst zou moeten hebben.

Zelf ben ik van mening, dat wat ik maak niet mooi hoeft te zijn, maar wel een -onduidelijk te benoemen- gevoel moet weerspiegelen. Daaruit volgt, dat de kijker mijn werk ook niet mooi hoeft te vinden. Het gaat er om of het werk iets (emoties?) bij de toeschouwer oproept, of men er iets van zichzelf in terugvindt. Dat kan iets heel anders zijn, dan ik er zelf bij ervaar.

Het is voor mij vaak verrijkend, hoe sommige mensen mijn werk interpreteren. Hiermee bedoel ik iets anders, dan dat er realistische elementen in worden gezien (waardoor het appelleert aan een stukje van hun werkelijkheid). Zo zag mijn moeder in mijn eindexamenwerk veel vogels rondvliegen...............

In een bepaalde periode van mijn werk worden vaak landschappelijke elementen gezien of een bepaald dier, een deel van een mens of wat dan ook.

Nee, betere voorbeelden van andere interpretaties zijn bijvoorbeeld: “Ik zie in jouw werk steeds iets onvolmaakts, alsof het niet mooi màg zijn. Heeft dat nog altijd met je jeugd te maken?” of: “In jouw tweedimensionale werk ervaar ik de meeste ruimtelijkheid” (Wauw!).