1. Kun je er van leven?

Regelmatig wordt mij gevraagd of ik van mijn werk kan leven. In mijn ogen een vreemde vraag. Ik vraag toch ook niet aan u of u “ervan kunt leven”.  

In het verleden legde ik uit, dat kunst voor mij geen economisch product is en dat ik er altijd een andere inkomsten bij heb gehad. Allemaal waar, maar dat geldt ook voor veel (andere) kleine zelfstandigen. Men is er naast ook nog postbode of taxichauffeur, of hun vrouw heeft een vaste baan. Interessant om te weten, maar niet belangrijk voor het ontstaan van mijn werk (inderdaad, ik hèb geen werk, het ontstaat).  

Komt het door de onbekendheid met kunst, waardoor vaak niet verder kan worden gevraagd dan: “Kun je er van leven?” of “waarom maak je dit?” Op die laatste vraag “antwoordde ik meestal: “Omdat ik het fijn vind om te doen”, of “vanwege de innerlijke noodzaak”.

Mijn nieuwe antwoord is: “Het gaat er niet om of ik er ván kan leven, maar of ik er dóór kan léven”. Dat is namelijk voor mij de essentie. Als ik niet regelmatig beeldend bezig ben, oftewel tijd neem om nieuwe dingen (in mijzelf) te ontdekken, raak ik geblokkeerd en functioneer ik niet goed meer.